spacer.png, 0 kB
spacer.png, 0 kB
Vakantie 1984

Vakantie 1984

Na twee fietsvakanties met mijn fietsmaat en collega Ton Tillemans naar Luxemburg en een (qua gezelligheid) mislukte fietsvakantie in Noorwegen met een andere collega, stond ik er in 1984 alleen voor. Richting Frankrijk moest het, en het ging dus ook zo. Op de terugweg werd ik overvallen door een diepe depressie (niet geestelijk, maar gewoon een lagedrukgebied). Behalve het weer ging er nog iets mis, hierover handelt het volgende stukje uit mijn eerste vakantiedagboek.

24-08-84

Welk een onheil is er vandaag over mij heen gekomen. Na een avond en nacht, gevuld met regen en onweer, wilde ik vanmorgen toch verder op weg naar Vicky, mijn woonboot. Na mijn tentje afgebroken en doornat ingepakt te hebben, verliet ik om negen uur St. Mihiel, onder luid applaus van de miezerregen op mijn lekke regenpak. De heuvels begonnen praktisch direct. De eerste was er al een met een stijgingspercentage tussen de vijf en negen procent volgens de Michelin kaart. Na negen kilometer gefietst te hebben, zag ik mij genoodzaakt tot het roken van een sigaret. Nog steeds regende het en ik vroeg me af waarom dit in hemelsnaam nodig was. Maar de regen hield ook al niet op vanwege, of ondanks, die gedachte. Dus ging ik maar weer verder, heel veel heuvel op en zeer zelden heuvel af. Chaillon en Cruë lagen even later alweer achter me en ik dacht net dat het alweer wat lekkerder ging, afgezien van mijn soppende schoenen en plakkende kleding, toen er voor mij weer een heuvel uit de aarde omhoog schoot. Dat was bij Vigneulles. Bijna huilend begon ik maar weer aan de zoveelste klim. Bij het kerkhofje van Hattonville ging het even niet meer en ik besloot plaats te nemen op het stenen muurtje wat daar langs de weg stond als afscheiding tussen het voorbijrazende leven en de rust van de dood. Vijf minuten later moest het maar weer. Mezelf verbazend over het lugubere gezicht van een in nevel gehuld en van miezerregen doordrenkt kerkhof sprong ik weer op mijn fiets. Een hoop gekraak en nog geen twee meter verder stond ik er weer naast. Geschrokken en bang keek ik naar mijn achterwiel, daar was op het eerste gezicht niets mee aan de hand, maar de derailleur...., wat hing die er vreemd bij! Geen losgeschoten schroef of ander te verhelpen ongemak, maar finaal afgebroken. Normaal gaan er dan allerlei gedachten door je heen, niet bij mij, ik was compleet leeg.’Fietsenmaker, maar waar vind ik die?’, dacht ik even later. De enige manier om dat te weten te komen was om het aan de eerste de beste bewoner van Hattonville te vragen. Ja, hij wist een ‘garage’, twee kilometer terug. Met weinig hoop op een goede afloop begon ik aan de wandeling. Inderdaad, ‘Non monsieur, je n’ai pas un derailleur, je m’excuse.’ Teruglopen naar het wat grotere St. Mihiel was het enige wat ik kon doen. Terwijl ik daar zo liep, en af en toe een stukje af kon dalen op de fiets, met de angst dat de ketting in het achterwiel zou komen(die was er vanwege de derailleur afgelopen en ik had geen zin om hem er weer op te leggen) Terwijl ik daar dus liep, zoals ik al schreef, kwamen de gedachten goed los. Was er wel een fietsenmaker, had hij, als hij er al was, een passende derailleur, hoeveel zou het gaan kosten, misschien moest ik wel met de trein terug, als dat tenminste zou kunnen, als dat niet zou kunnen, wat dan? Werd dat liedje dan soms waarheid: ‘Ik ga naar Frankrijk en ik kom nooit meer terug’?

Nee, dat kon natuurlijk niet. Eindelijk, na twintig kilometer lopen, steppen en, laat ik het maar freewheelen noemen, St. Mihiel. Het regenen was zowaar gestopt en heel af en toe zag je tussen de wolken een flauw gelig schijnsel, waar de zon dus ergens moest zitten. Het was inmiddels kwart voor twee en dat viel me, zonder dat ik wil gaan rijmen, ontzettend mee. Ik had verwacht dat ik rond een uur of drie aan zou komen. Bijna op hetzelfde moment als waarop ik een fietsenmaker zag, brak de zon door. Gesloten. Wanhoop. Misschien moest ik wachten tot maandag, of nog erger, misschien was hij net op vakantie. Aan iemand vragen dus maar weer. Gelukkig was mijn angst ongegrond. Het was gewoon lunchtijd en over een kwartiertje zou de winkel weer open gaan. Tijd voor een kop koffie, die had ik de hele dag nog niet gehad.

Na de koffie stapte ik hoopvol naar binnen. Zo goed en kwaad als het kon legde ik de man mijn probleem uit. Hij twijfelde of hij wel een juiste derailleur voor me had. Maar na tien minuten zoeken in de werkplaats kwam hij vrolijk lachend terug. Hij had er een!!!! Ik kon mijn geluk niet op. Om half vier kon ik mijn fietsje weer ophalen. Ik ben dus in de tussentijd dus maar even het stadje in gegaan. Wat inkopen, waaronder een flesje wijn voor de fietsenmaker, gedaan en om half vier weer terug. Daar stond mijn fiets, weer helemaal in orde. De bagage die ik er uiteraard even had afgehaald er weer opgebonden en weer terug naar de camping, waar ik dit verhaal nu lig op te schrijven. Morgen weer verder. Hopen dat alles nu goed gaat en dat het weer een beetje redelijk blijft. Al zie ik wel weer knap donkere wolken overdrijven. Morgen Luxemburg en dinsdag thuis, we zullen wel zien.

 
< Vorige   Volgende >
spacer.png, 0 kB
spacer.png, 0 kB
 
Joomla Template by Joomlashack
download joomla cms download joomla themes